Wij begonnen vol goede moed. Een hoekje bloemetjesbehang lospeuteren, eraan trekken, klaar. Drie tellen later hield ik een snipper van tien centimeter vast terwijl de rest muurvast bleef zitten. Behang verwijderen leek een uurtje werk en werd een middag, puur omdat we geen idee hadden welke methode bij ons behang paste. Dat had gescheeld, en precies dat lees je hier wel voordat je begint.
De kern zit in de aanpak en in wat je uitgeeft. Vliesbehang trek je vaak droog van de muur, zonder iets. Papierbehang moet je nat maken, en dan kies je tussen afweekmiddel (grofweg 8 tot 12 euro voor een fles), een stomer huren (ongeveer 15 tot 35 euro per dag) of een stomer kopen (vanaf zo’n 50 euro). Wat het slimst is, hangt af van hoeveel je te doen hebt. Speel er hieronder even mee.
Die vergelijking is je vertrekpunt. De echte tijdwinst zit in de voorbereiding en in het herkennen van je behangsoort, want daar valt of staat de hele klus mee.
Zet eerst de stroom eruit en dek af
Voordat er een druppel water aan de muur komt, gaat de stroom eruit. Je werkt straks met natte muren rond stopcontacten en schakelaars, en water en elektra gaan niet samen. Schakel de zekeringgroep van de kamer uit, plak de stopcontacten en schakelaars af met tape, en controleer met een spanningszoeker of het echt spanningsloos is. Dek daarna de vloer af met folie of oud karton, want het wordt een natte, plakkerige bende. Meubels die kunnen blijven staan, schuif je naar het midden en dek je af.
Dit klinkt overdreven tot je het een keer overslaat. Wij plakten die eerste keer niets af, en de plint plus een strook laminaat kregen een week lang plakkerige lijmvegen mee die we telkens opnieuw wegpoetsten. Een half uur voorbereiden bespaart je een dag nawerk.
Welk behang heb je eigenlijk?
Dit is de vraag die alles bepaalt, en die de meeste mensen overslaan. Er zijn grofweg drie soorten, en elk vraagt een andere aanpak.
Vliesbehang is de makkelijkste. Het heeft een steviger, vezelachtige achterkant en laat zich vaak in hele banen droog van de muur trekken. Pak een hoek met een plamuurmes, trek rustig, en met een beetje geluk komt de baan in één keer mee. Geen water, geen stomer, niks. Twijfel je of de muur eronder is voorgestreken, test dan eerst een klein stukje.
Papierbehang is het klassieke geval en het meest bewerkelijk. Dit moet je nat maken zodat de lijm eronder loslaat. HG adviseert om het behang eerst in te snijden of te perforeren, het daarna royaal nat te maken en een kwartier te laten intrekken voordat je het eraf schraapt. Dat inkepen, scoren noemen ze dat, is cruciaal bij behang met een waterafstotend laagje, omdat het water anders niet bij de lijm komt.
Vinylbehang heeft een plastic toplaag. Vaak trek je die bovenlaag er eerst droog af, en blijft er een papieren onderlaag achter die je daarna nat maakt en verwijdert zoals papierbehang. Twee rondes dus.
Afweekmiddel, stomer of allebei?
Voor papier- en vinylbehang draait het om die lijm zacht krijgen. Dat kan op twee manieren, en ze sluiten elkaar niet uit.
Met afweekmiddel los je een geconcentreerd middel op in warm water en breng je het met een kwast of plantenspuit op de muur aan. Het is goedkoop en verrassend ver toereikend. Een fles van 500 milliliter is volgens HG genoeg voor 100 tot 200 vierkante meter behang, dus voor een gemiddelde kamer heb je aan één fles ruimschoots genoeg. Wie het nog goedkoper wil: warm water met een scheut afwasmiddel doet in veel gevallen bijna hetzelfde werk, alleen wat minder krachtig.
Een behangstomer maakt de lijm los met hete stoom en werkt sneller, vooral bij grotere oppervlakken of taai behang. Je houdt de stoomplaat een paar tellen tegen de muur, de lijm laat los, en je schraapt de baan eraf. Huren kost ongeveer 15 tot 35 euro per dag bij een bouwmarkt, een eigen apparaat koop je vanaf een euro of 50 voor een simpel consumentenmodel. Voor één kamer papierbehang is afweekmiddel meestal genoeg, voor een heel huis of dik oud behang is een stomer de tijdwinst waard.
Joost stond na een uur stomen in wat inmiddels een sauna was. Zijn bril besloeg, het behang liet los in bevredigend grote lappen, en hij vond zichzelf even een professional. Tot bleek dat je met stoom ook zo je gipsplaat weekt als je te lang op één plek blijft hangen. Rustig aan dus, en de stoomplaat in beweging houden.
De banen eraf, zonder de muur te slopen
Werk van boven naar beneden en gebruik een breed plamuurmes of een behangschraper met een niet te scherpe hoek. Duw net onder het behang, niet erin, want een te scherp mes kerft zo je stucwerk open. Blijft er een stukje hardnekkig zitten, maak het dan nog een keer nat en laat het langer intrekken in plaats van harder te schrapen. Geduld wint hier van kracht.
Kom je op sommige plekken tot op de kale gipsplaat of het pleisterwerk, let dan extra op. Beschadig je die laag, dan krijg je nat werk met plamuur later. Een muur waar het behang in flarden loskomt en het stucwerk meekomt, is trouwens het moment om je af te vragen of je dit nog zelf wilt doen.
Lijmresten wegwerken en de muur sausklaar maken
Bijna altijd blijft er een dun laagje oude behanglijm achter, glimmend en een tikje plakkerig. Dat moet eraf, anders hecht je nieuwe verf of behang er slecht op. Was de muur na met warm water en een spons, laat hem goed drogen, en schuur oneffenheden licht bij. Kleine gaatjes en beschadigingen vul je met een beetje muurvuller. Pas als de muur schoon, droog en glad is, is hij klaar voor verf of nieuw behang. Zitten er na het strippen veel scheuren of oneffenheden in, dan is een laag renovlies behang vaak de beste manier om de muur egaal en sausklaar te krijgen.
Reken op deze nabewerking, want dit is het stuk dat iedereen vergeet. Het verwijderen zelf is soms zo gepiept, maar een muur echt sausklaar krijgen kost je vaak nog een halve dag drogen en schuren.
Wanneer je het beter uitbesteedt
Zelf doen loont bij een enkele kamer met vlies- of papierbehang. Maar zit er behang op behang op behang, of komt bij het weken meteen het pleisterwerk mee naar beneden, dan wordt het een ander verhaal. Meerdere lagen, oude gipswanden die water opzuigen, of grote oppervlakken over meerdere kamers: dat is precies waar een schilder of stukadoor sneller en netter is, en waar zelf doen je juist geld kost aan muurherstel.
Wij hebben die eerste kamer helemaal zelf gedaan, snippers en al. De tweede keer wisten we wat we hadden en ging het vlot. En die ene muur waar het stucwerk meekwam? Die hebben we bewust laten doen. Niet alles hoeft een principekwestie te zijn.
Staat de muur straks kaal, dan is dat het perfecte moment om er iets moois van te maken. Met sierlijsten op de muur maak je bijvoorbeeld wandpanelen in jaren-30 stijl.
Veelgestelde vragen
Wat is de goedkoopste manier om behang te verwijderen?
Voor papierbehang in een enkele kamer is afweekmiddel het goedkoopst: een fles van rond de 8 tot 12 euro is genoeg voor een flink oppervlak. Nog goedkoper is warm water met een scheut afwasmiddel. Vliesbehang trek je vaak droog los en kost je helemaal niets aan middelen.
Kan ik behang droog verwijderen?
Vaak wel, als het vliesbehang is. Dat laat zich meestal in hele banen droog van de muur trekken met een plamuurmes. Papierbehang en de onderlaag van vinylbehang moet je bijna altijd nat maken, omdat de lijm anders niet loslaat en je alleen snippers overhoudt.
Kan ik een behangstomer beter huren of kopen?
Voor een eenmalige klus is huren meestal slimmer: zo'n 15 tot 35 euro per dag tegenover 50 euro of meer voor een eigen apparaat. Klus je vaker, of doe je een heel huis in etappes, dan verdient een eigen stomer zich al snel terug. Voor één kamer papierbehang red je je vaak met alleen afweekmiddel.
Moet ik de stroom uitschakelen bij behang verwijderen?
Ja. Werk je met water of stoom rond stopcontacten en schakelaars, schakel dan de zekeringgroep van die kamer uit en plak de stopcontacten af. Nat werk en elektra zijn een gevaarlijke combinatie, en dit voorkomt kortsluiting. Controleer met een spanningszoeker of de groep echt spanningsloos is.
Fenne Wijngaard schrijft op Klushuis over alles wat een huis vraagt, van grote verbouwingen tot een middag vechten met bloemetjesbehang. Samen met Joost knap ik sinds 2018 ons huis uit 1931 op. Meer over ons lees je hier.