De achterkamer van ons huis uit 1931 was jarenlang de donkerste plek van de woning. Een klein raam, een dichte muur, en een tuin die je eigenlijk alleen zag als je naar buiten liep. Joost en ik droomden hardop van een grote glazen pui die de kamer met de tuin zou verbinden, zodat het licht naar binnen viel en je in de zomer de deuren wijd open kon zetten. Toen we eenmaal offertes gingen opvragen, schrokken we eerlijk gezegd van hoe sterk de prijzen uiteenliepen.
De kern eerst, zodat je niet dezelfde schrik krijgt. Een schuifpui kost in 2026 grofweg 3.000 tot 16.000 euro inclusief montage. Die enorme vork komt doordat materiaal en breedte een wereld van verschil maken: een kunststof pui van tweeënhalve meter is een totaal ander prijskaartje dan een aluminium pui van zes meter. Per vierkante meter reken je ongeveer 800 tot 1.500 euro inclusief glas, profiel en montage. Hieronder reken je het uit voor jouw situatie.
Zoals je ziet bepaalt vooral je materiaalkeuze waar je in die vork uitkomt. Hieronder zie je de richtprijzen per materiaal voor twee veelgekozen breedtes, zodat je het verschil meteen in euro's ziet.
| Materiaal | Richtprijs 3 m | Richtprijs 5 m |
|---|---|---|
| Kunststof (voordeligst) | € 3.300 - € 5.700 | € 5.500 - € 9.500 |
| Hout (sfeervol) | € 3.600 - € 6.600 | € 6.000 - € 11.000 |
| Aluminium (duurst, slank) | € 3.900 - € 8.400 | € 6.500 - € 14.000 |
Kunststof, hout of aluminium?
De grootste prijsbepaler is het materiaal, en elk heeft zijn eigen karakter. Kunststof is het voordeligst, vrijwel onderhoudsvrij en isoleert goed, al kan het na tien tot vijftien jaar wat verkleuren. Hout is het sfeervolst en past prachtig bij een ouder huis zoals het onze, maar het vraagt onderhoud: af en toe schilderen en schade snel herstellen om houtrot te voorkomen. Aluminium is het duurst, gemiddeld twintig tot vijfendertig procent meer dan kunststof, maar geeft slanke profielen, maximaal glasoppervlak en gaat dertig tot veertig jaar mee.
Voor grote, brede puien is aluminium vaak de logische keuze, omdat het sterk genoeg is om veel glas te dragen met dunne kozijnen. Bij ons twijfelden we lang tussen de warme uitstraling van hout en het gemak van kunststof. Het werd uiteindelijk kunststof in een houtnerf-afwerking, een compromis waar we nog steeds blij mee zijn: de uitstraling die we wilden, zonder het schilderwerk dat bij een huis van bijna een eeuw oud al genoeg aandacht vraagt.
Hef- of kiepschuifpui, en hoeveel delen?
Naast het materiaal kies je een schuifsysteem. De hefschuifpui wordt bij het openen iets opgetild voordat hij zijwaarts schuift, ligt gelijkvloers en is extra inbraakwerend, maar is gemiddeld 200 tot 400 euro duurder. De draai- of kiepschuifpui kan ook kantelen, zodat je kunt ventileren zonder de hele pui open te zetten. Beide zijn er in twee, drie of vier delen, met een combinatie van schuivende en vaste delen. Een schuivend deel is gemiddeld zo'n 500 euro duurder dan een vast deel.
Hoe breder de opening, hoe meer delen en hoe zwaarder de profielen, en dat zie je terug in de prijs. Wij kozen voor een driedelige pui met een ruime schuifdeur, zodat we in de zomer een echte doorgang naar de tuin hebben en in de winter toch veel glas en licht houden.
Welk glas kies je?
Standaard zit er HR++ glas in een schuifpui, en dat is voor de meeste situaties een prima keuze. Wil je nog beter isoleren, dan kun je voor triple glas gaan, wat ongeveer 350 tot 850 euro extra kost. Toch is meer niet altijd beter. Milieu Centraal legt uit dat HR++ glas iets meer zonwarmte doorlaat dan triple glas, wat juist gunstig kan zijn bij een pui op het zuiden, omdat je huis dan gratis opwarmt door de zon.
Onze achterkamer ligt op het zuidwesten, dus daar speelde dit echt mee. We kozen voor HR++, mede omdat de meerprijs van triple bij zo'n groot glasoppervlak flink oploopt. Let wel op: bij grote glaspartijen en glas tot op lage hoogte is veiligheidsglas verplicht in en nabij looproutes, om het risico op doorvallen te beperken. Een goede vakman neemt dat automatisch mee.
Vergeet de bijkomende kosten niet
Dit is waar onze eerste offertes bedrieglijk laag leken. De prijs van alleen de pui zegt weinig, want de montage is zo'n twintig tot veertig procent van het totaal. Daarnaast staan er vaak posten apart op de offerte: het slopen van de oude pui of het uithakken van de muur, de afvoer van puin, en bij een grote zware pui soms hijswerk met een kraan. Reken voor sloop al snel op enkele honderden tot meer dan duizend euro, en voor hijswerk op 600 tot 1.500 euro.
Vraag dus altijd expliciet wie inmeet, wie monteert, wat er met je oude pui gebeurt en welke afwerking in de prijs zit. Het plaatsen zelf duurt meestal één tot drie dagen. Wij leerden om offertes naast elkaar te leggen op precies dezelfde uitgangspunten: zelfde breedte, zelfde glas, zelfde systeem. Pas dan vergelijk je appels met appels.
Schuifpui of openslaande deuren?
Een vraag die wij ons ook stelden. Bij kleinere breedtes zijn openslaande tuindeuren vaak wat voordeliger, zeker met eenvoudiger beslag. Een schuifpui wordt juist aantrekkelijker naarmate de opening breder wordt: de delen schuiven over elkaar heen, je hebt geen draaicirkel nodig en je houdt binnen en buiten meer ruimte over. Ook krijg je meer glasoppervlak en dus meer licht.
Voor onze brede opening sloeg de balans duidelijk door naar de schuifpui. Geen deuren die in de weg zwaaien, geen meubels die je moet verplaatsen, en een veel rustiger zicht op de tuin. Maar had onze opening smaller geweest, dan waren openslaande deuren misschien de slimmere keuze geweest.
Heb ik een vergunning nodig?
Dit is een punt dat veel mensen over het hoofd zien. Vervang je een bestaande pui of deur in dezelfde opening, dan is dat meestal vergunningsvrij. Maar wil je de gevelopening vergroten, bijvoorbeeld een dichte muur openbreken voor een brede pui zoals wij deden, dan kan daar wel een omgevingsvergunning voor nodig zijn. Gaat het om een dragende muur, dan komt er ook een constructeur en een stalen balk bij kijken — net als bij het slopen van een dragende muur. Via het Omgevingsloket kun je een vergunningcheck doen voor jouw situatie.
Bij ons betekende het openbreken van die achtermuur inderdaad een check vooraf, en gelukkig kwam het in orde. Het is precies het soort detail dat je liever van tevoren weet dan halverwege de verbouwing. Diezelfde voorzichtigheid hadden we eerder al geleerd bij een andere grote ingreep aan ons huis. Wil je daar meer over lezen, bekijk dan ook wat een dakkapel kost, waar vergunningen net zo goed een rol spelen.
Veelgestelde vragen
Wat kost een schuifpui gemiddeld?
Een schuifpui kost in 2026 grofweg 3.000 tot 16.000 euro inclusief montage. Per vierkante meter reken je op ongeveer 800 tot 1.500 euro inclusief glas, profiel en montage. De grote vork komt door het materiaal (kunststof het voordeligst, aluminium het duurst) en de breedte van de opening.
Wat is het verschil tussen kunststof en aluminium?
Kunststof is het voordeligst, onderhoudsarm en isoleert goed, maar kan na verloop van tijd verkleuren. Aluminium is gemiddeld twintig tot vijfendertig procent duurder, heeft slanke profielen, draagt veel glas en gaat dertig tot veertig jaar mee. Voor grote, brede puien is aluminium vaak de logische keuze.
Heb ik een vergunning nodig voor een schuifpui?
Vervang je een pui in een bestaande opening, dan is dat meestal vergunningsvrij. Wil je de gevelopening vergroten, dan kan een omgevingsvergunning nodig zijn. Doe vooraf een vergunningcheck via het Omgevingsloket, zodat je niet voor verrassingen komt te staan.
Is een schuifpui goedkoper dan openslaande deuren?
Bij kleinere breedtes zijn openslaande deuren vaak iets voordeliger. Een schuifpui wordt relatief aantrekkelijk bij grotere openingen, omdat de delen over elkaar schuiven, je geen draaicirkel nodig hebt en je meer glasoppervlak en licht krijgt.
Geschreven door Fenne Wijngaard. Samen met Joost knap ik sinds 2018 ons huis uit 1931 op, van de donkerste achterkamer maakten we met een brede schuifpui de lichtste plek van het huis. Meer over ons lees je op de over ons pagina.