Onze woonkamermuur zag eruit alsof iemand er met een potlood een spinnenweb op had getekend. Haarscheurtjes, een paar diepere lijnen langs het raam, en de bobbels van tachtig jaar stucwerk dat door het huis heen was meegezakt. Verven zou elke scheur juist uitvergroten. Renovlies behang bleek precies het spul dat wij nodig hadden: een dik, overschilderbaar vlies dat je op de muur plakt en dat kleine scheuren en oneffenheden wegwerkt. Sindsdien hebben we het in drie kamers gedaan, en ik weet nu waar het misgaat.
Kort wat het is en wat je moet weten. Renovlies is een egaal, wit vlies dat je met behanglijm op de muur aanbrengt en daarna overschildert. Het overbrugt haarscheuren en verbergt een ruwe ondergrond, en het is een stuk vergevingsgezinder dan glasvlies. Voor je begint wil je twee dingen weten: hoeveel rollen je nodig hebt en hoe je de banen strak tegen elkaar zet. Reken hieronder eerst even je rollen uit.
Dat aantal is je boodschappenlijst. De echte winst zit in hoe je die banen aanbrengt, want daar staat of valt het strakke eindresultaat mee. Lees vooral verder.
Wat renovlies is en waarom het bij een oud huis past
Renovlies bestaat uit cellulose, oftewel papiervezel, geperst tot een stevig maar buigzaam vlies. Je koopt het onbedrukt en wit, in verschillende diktes die je uitgedrukt ziet in grammen per vierkante meter. Lichter renovlies rond 130 gram is voor redelijk gladde wanden, de zwaardere soorten van 150 tot 200 gram overbruggen meer, tot haarscheuren van een fractie van een millimeter aan toe. Hoe zwaarder het vlies, hoe meer het verbergt.
En dat verbergen is precies waarom het zo goed bij een vooroorlogs huis past. In een nieuwbouwwoning zijn de wanden kaarsrecht en glad, daar hoeft niks overbrugd te worden. Bij ons is geen muur vlak en zit er in elke hoek wel ergens een scheurtje van zetting. Een dikkere renovlies vlakt dat visueel uit, zodat je na het schilderen een egale muur ziet in plaats van een landkaart.
Let wel op het verschil tussen een cosmetische scheur en een die iets zegt. Haarscheurtjes in stucwerk zijn in een oud huis normaal en onschuldig. Wordt een scheur zichtbaar breder, loopt hij diagonaal door het metselwerk of komt hij telkens terug, dan dek je met renovlies een probleem af in plaats van het op te lossen. Meet zo'n scheur eerst een paar maanden voor je hem wegwerkt.
Renovlies, glasvlies of gewoon vliesbehang?
Deze drie worden constant door elkaar gehaald, terwijl ze een ander doel dienen. In het kort staat het zo:
| Soort | Materiaal | Sterkte | Beste voor |
|---|---|---|---|
| Renovlies | Cellulose (papiervezel), glad en wit | Overbrugt scheuren, makkelijk te repareren | Oude, licht gescheurde muren die je wilt overschilderen |
| Glasvlies | Glasvezel, vaak met structuur | Zeer sterk, scheurt niet, moeilijker te verwijderen | Zwaar belaste ruimtes, garage, kelder, brandeisen |
| Gewoon vliesbehang | Cellulose met een decorlaag of kleur | Decoratief, geen scheuroverbrugging als doel | Direct een kleur of dessin, gladde ondergrond |
Voor de meeste woonkamers, slaapkamers en gangen in een gewoon huis is renovlies de logische keuze. Glasvlies is steviger maar duurder en een crime om er later weer af te krijgen, dus dat bewaar je voor plekken waar het echt moet. Wij hebben in de bijkeuken, waar veel tegen de muur schuurt, wel glasvlies genomen. In de woonkamer renovlies. Elk zijn plek.
Zo breng je renovlies strak aan
De muur moet eerst schoon, droog en stofvrij zijn, en oud behang moet eraf. Zit er nog behang op, begin dan met het oude behang verwijderen voordat je ook maar aan renovlies denkt, want over loszittend behang plakken is vragen om bubbels. Streek de muur daarna voor met een voorstrijkmiddel, zodat de ondergrond de lijm niet gulzig opzuigt en je vlies gelijkmatig droogt.
Bij vlies smeer je de lijm op de muur, niet op het behang. Rol de lijm per baan iets breder aan dan de rol, zet de eerste baan kaarsrecht langs een uitgelood lijntje, en strijk hem met een behangspatel van het midden naar de randen glad. Milieu Centraal vat het bij het stuken en behangen mooi samen: een goede voorbereiding van de ondergrond bepaalt het eindresultaat meer dan het behangen zelf.
De gouden regel bij vlies: banen stoot je strak tegen elkaar, nooit overlappend. Papierbehang liet je vroeger overlappen, maar renovlies leg je naad aan naad, anders krijg je een zichtbare richel die na het schilderen als een litteken oplicht.
Precies daar ging Joost bij baan twee de mist in. Hij schoof hem een centimeter over de eerste heen, omdat dat volgens hem steviger zat. Na het schilderen liep er een keurige verticale richel over de hele muur, precies op ooghoogte. We hebben die baan er nat weer afgehaald en opnieuw gedaan. Naad aan naad dus, en niet eigenwijs zijn.
Overschilderen, maar pas als het droog is
Renovlies is kaal niet af, het is bedoeld om overgeschilderd te worden. Het verleidelijke is om meteen de verfroller te pakken, maar het vlies moet eerst goed drogen, reken op een dag. Schilder je op nog vochtig vlies, dan trekt het krom en kun je alsnog naden zien.
Gebruik een watergedragen muurverf met een goede dekking. Dat scheelt lagen en is beter voor de binnenlucht. Milieu Centraal wijst er bij het schilderen van muren en plafonds op dat je tijdens en na het schilderen goed moet ventileren, ook bij verf op waterbasis. Twee dunne lagen geven een egaler resultaat dan een dikke, en de tweede laag dekt de laatste schaduwen van de structuur weg.
Hoeveel rollen renovlies heb je nodig?
De rekenhulp hierboven doet dit voor je, maar het is prettig om te snappen wat eronder zit. Je meet de totale lengte van de muren die je behangt en de hoogte van je kamer. Een rol renovlies is meestal 75 centimeter breed en 25 meter lang. Het aantal banen bereken je door de muurlengte te delen door 75 centimeter, en per baan reken je je plafondhoogte plus zo'n tien centimeter speling.
In een jaren-30 huis met hoge plafonds tikt dat sneller aan dan je denkt. Onze woonkamer is bijna drie meter hoog, dus uit een rol van 25 meter haalde ik maar acht banen in plaats van tien. Reken altijd een rol extra dan het minimum, want een misgesneden baan of een lelijke hoek kost je zo een stuk vlies.
Een strakke wand vraagt om een strakke afwerking eromheen. Met sierlijsten op de muur zet je wandpanelen in klassieke stijl, en zit het probleem juist in een lelijk plafond, dan is een verlaagd gipsplaten plafond de vergelijkbare oplossing naar boven toe.
Veelgestelde vragen
Wat is het verschil tussen renovlies en glasvlies?
Renovlies is gemaakt van cellulose (papiervezel) en is glad, licht en makkelijk te repareren. Glasvlies bestaat uit glasvezel, is veel sterker en scheurt bijna niet, maar is duurder en lastiger te verwijderen. Voor gewone woonkamers en slaapkamers is renovlies meestal de betere keuze, glasvlies bewaar je voor zwaar belaste ruimtes.
Kun je renovlies over scheuren in de muur aanbrengen?
Ja, dat is juist waarvoor het bedoeld is. Zwaarder renovlies van 150 tot 200 gram overbrugt haarscheuren en kleine oneffenheden. Let op: een scheur die blijft groeien of diagonaal door het metselwerk loopt, kan constructief zijn. Die dek je niet af, die laat je eerst nakijken.
Moet je renovlies overschilderen?
Ja. Renovlies wordt onbedrukt en wit geleverd en is bedoeld om te overschilderen. Laat het na het aanbrengen eerst een dag drogen, en schilder het dan met twee dunne lagen watergedragen muurverf. Ventileer tijdens en na het schilderen goed.
Hoeveel rollen renovlies heb ik nodig?
Dat hangt af van je muurlengte en plafondhoogte. Een rol is meestal 75 centimeter breed en 25 meter lang. Deel de totale muurlengte door de rolbreedte voor het aantal banen, en reken per baan je hoogte plus tien centimeter. Neem altijd een rol extra voor misgesneden banen en hoeken.
Moet je vliesbehang op de muur of op het behang lijmen?
Bij renovlies en ander vliesbehang breng je de lijm op de muur aan, niet op het behang. Je rolt de lijm per baan iets breder dan de rol, en zet het droge vlies er daarna in. Dat werkt sneller en schoner dan de oude methode waarbij je papier moest laten weken.
Fenne Wijngaard schrijft op Klushuis over alles wat een oud huis vraagt, van scheve muren tot een woonkamer vol renovlies. Samen met Joost knap ik sinds 2018 ons huis uit 1931 op. Meer over ons lees je hier.